Transit: een carrier verkoopt u toegang tot het volledige internet — hij vervoert uw verkeer naar elke bestemming. Peering: twee netwerken wisselen alleen hun eigen verkeer (en dat van hun klanten) uit, rechtstreeks of via een internetknooppunt (IXP: AMS-IX in Amsterdam — een van de grootste ter wereld, DE-CIX, France-IX), meestal zonder onderlinge facturering.
Peering verlaagt de transitfactuur en de latency naar de grote bronnen (CDN’s, streaming, clouds) — maar volstaat nooit alleen: het dekt alleen de netwerken waarmee u uitwisselt. De klassieke strategie van een netwerk met eigen AS: transit voor universaliteit, peering om de grote stromen te ontlasten. Vereisten: een AS-nummer, een poort op het IXP en verkeer om uit te wisselen.